Nee voelen en ja zeggen? Herken je dat gedrag?

Wij komen het in het werken met cliënten nogal vaak tegen. We horen het in de verhalen die ze vertellen. Een voorbeeld: met regelmaat, soms elke week, gaat een gezin bij mama/oma en papa/opa op bezoek. En ondertussen klagen ze er wel over: “ik vind het wel een verplichting, maar ja het zijn je ouders en dan doe je het maar.”

Steevast vragen wij dan: waarom doe je dat als het een verplichting is geworden? Het zijn de rituele dansen waar we met elkaar aan deelnemen, en die vaak, veel te vaak, niet zoveel opleveren. De bezoeken en gesprekken geven geen vervulling. Hoe komt het dan toch dat kinderen zo vaak vastgelijmd schijnen te zijn aan hun ouders?

Sommigen van jullie kennen vast en zeker wel het verhaal van Adriaan van Dis waarin hij dit mechanisme met betrekking tot zijn eigen moeder op soms een hilarische wijze beschrijft:

  • De dure koekjes die hij verplicht moest meenemen en die hij later dan terugvond: hangend in de boom voor de vogeltjes
  • En zijn ontboezeming: hoe komt het dat een 65-jarige man er nog steeds naar verlangt om bij zijn 95-jarige moeder op schoot te willen zitten?

 

Een reëel verlangen

En is die laatste zin schuilt mogelijk wel een reëel verlangen: we verlangen nog steeds dat onze ouders ons dát geven wat we nooit hebben ontvangen:

  • Gezien en gehoord te worden zoals we werkelijk zijn.
  • Gewoon eens te horen krijgen: ik hou van je en ik ben trots op je.
  • Belangstelling voor onze ideeën en niet meteen onze mening van tafel vegen.

En vaak is dat verlangen: te ontvangen wat je nog nooit gekregen hebt, onbewust de onderliggende reden waarom je elke keer weer die gang naar je ouders maakt. In de hoop dat jouw verlangen ooit ingevuld gaat worden.

Ik zeg wel eens gekscherend: op het moment dat ik bij mijn ouders de drempel over stapte, trok ik mijn korte broek weer aan. En dan vertelde ik vol trots hoe goed ik het wel niet had, en over mijn successen. En natuurlijk wilde ik dan graag horen dat mijn ouders trots op mij waren; dat ze dat eens een keer uitspraken. Helaas heb ik dat van hen nooit mogen horen.

Maar dat streven naar erkenning van mijn ouders speelde mij natuurlijk ook parten in andere contexten. Ik wilde de beste zijn bij het sporten, bij het doorlopen van school, bij het verkrijgen van een baan: strevend naar directeurschap. Totdat ik tegen de lamp liep en in een burn-out terecht kwam. In de herstelperiode begonnen de kwartjes te vallen en kwam het inzicht hoever ik bij mezelf weg was geweest.

 

Het heeft mij jaren gekost

Nu, ruim 25 jaar, na die datum kan ik opgelucht ademhalen als ik achteromkijk. Die burn-out was dus nodig om bij mijzelf terug te komen. Het heeft mij trouwens echt wel jaren gekost om zover te komen. Nu kan ik als mij iets gevraagd wordt beter mijn grenzen bewaken: als iets niet goed voelt, dan ga ik dat niet doen. Er is meer congruentie tussen voelen en doen.

Dat zijn trajecten die we binnen Licht & de Boer voortdurend aanbieden. Trajecten waardoor jij leert opnieuw contact met je gevoel te maken en daarnaar te luisteren als je al of niet gaat handelen. Kom maar eens praten als je zin hebt of als je eraan toe bent.

 

 

Toon de Boer